IC-arts Ferdinand Snellen: ‘Het coronavirus blijft voorlopig sluimerend onder ons’

IC-arts Ferdinand Snellen
Foto: Isala Zwolle

Isala start de reguliere zorg stap voor stap weer op. Langzaam begint er iets meer lucht te komen op de Intensive care afdelingen, nu het aantal COVID-patiënten aan het dalen is. Een goed moment om met intensivist Ferdinand Snellen de balans op te maken. ‘Op de IC zijn we heftige problematiek gewend, maar niet in deze mate en intensiteit.’

Er met z’n allen tegenaan. Die sfeer was er volgens Snellen van meet af aan. ‘’Het aantal intensivisten en intensive care personeel was te gering om én de COVID-IC én de reguliere IC te bemensen. In een mum van tijd moesten collega’s van andere afdelingen en specialismen worden ingewerkt om bij te springen. Medewerkers met een IC-achtergrond, die op een andere afdeling werkten, zijn tijdelijk teruggekomen. Maar ook anesthesisten, anesthesiemedewerkers en OK-personeel kwamen de IC versterken.’’

Solidariteit

‘’Anesthesiologen en anesthesiemedewerkers namen voor een deel de MICU-transporten over van de intensivisten, zodat zij zich op de intensive care konden richten. Die enorme solidariteit met elkaar gaf iedereen een hoop energie. Een bijkomend voordeel is dat je door die omstandigheden samenwerkt met professionals van disciplines die je normaal weinig tegenkomt. De betrokkenheid van diverse specialismen op de IC is een absolute meerwaarde gebleken. Mooi als we in de toekomst ook structureler contact kunnen houden. Niet alleen voor COVID-patiënten maar ook in bredere zin. De IC is geen eiland.’’

Ingrijpend

In de eerste week van de uitbraak kregen de Spoedeisende hulp en afdelingen Interne geneeskunde en longziekten te maken met een toevloed aan COVID-patiënten. De intensivisten werden daarbij in consult gevraagd om mee te bepalen welke patiënten in aanmerking kwamen voor behandeling op de intensive care. ‘’Patiënten waren vaak verbaasd wanneer een IC-opname nodig was, omdat ze niet in de gaten hadden hoe slecht het met hen ging. Daarbij speelde mee dat ze de mediabeelden van Italië kenden en daardoor vaak angstig waren. Er zijn gelukkig veel patiënten die na behandeling op de intensive care uiteindelijk weer terug konden naar de afdeling. Maar er zijn ook overlijdens te betreuren en nog steeds zijn er patiënten die al weken lang strijd leveren om te overleven.’;

”Ik merk dat het me veel doet, dat ik er thuis nog mee bezig ben. Op de IC zijn we ingrijpende situaties gewend, maar niet in deze mate en intensiteit. Gelukkig is daar vanaf het begin aandacht voor geweest in de vorm van psychologische ondersteuning. Vanuit de organisatie is het ook goed geregeld dat we voldoende tijd krijgen om te herstellen, om er vervolgens weer tegenaan te kunnen.’’

Nieuwe inzichten

Een andere kant van het verhaal is dat het ook weer een interessant tijdperk is. ‘\In het begin moesten we zoeken naar de juiste manier om deze patiënten te behandelen. Dit is een nieuw ziektebeeld dat een aparte aanpak vereist. De COVID-patiënt met longontsteking verschilt duidelijk van de patiënt met reguliere longontsteking en maakt een ander tijdspad door. Die specifieke kenmerken moet je als intensivist leren onderkennen. Protocollen die we in het begin hadden gemaakt, zijn gaandeweg aangepast, en er vinden nog steeds aanpassingen plaats. De stroom aan nieuwe kennis die werd gedeeld via Webinars en vakliteratuur, hielp hierbij.’’

‘‘Wat we bijvoorbeeld merkten is dat we patiënten, nog sneller dan gewoonlijk, op de buik moesten draaien om daarmee de gasuitwisseling in de longen te verbeteren. Ook beademen we patiënten met COVID op een specifieke manier, om zo weinig mogelijk schade aan de longen te veroorzaken. Wat we verder ondervonden is dat deze patiënten een grote kans hebben om bloedstolsels te ontwikkelen, en we hen om die reden een hoge dosering antistollingsmiddelen moeten geven. Als je dat vergelijkt met patiënten met een “gewone” longontsteking, is dat echt anders.’’

Effectieve therapie ontbreekt

De kennis blijft groeien. ‘Maar nog steeds weten we eigenlijk heel weinig over wat het virus precies doet en hoe we het kunnen aanpakken. In de toekomst zal daar hopelijk meer over bekend worden, zodat er medicijnen komen om de ziekte effectief te behandelen. Want dat is iets wat er tot nu toe nog ontbreekt, een effectieve therapie. We zijn nu vooral ondersteunend bezig en geven wel medicijnen maar dat zijn niet dé medicijnen.’

Toekomst

Iedere COVID-patiënt is anders en kent een ander tijdspad van herstel. ‘’Het revalidatietraject voor mensen die langdurig zijn beademend op de IC, moet niet worden onderschat. We weten dat mensen daar erg door verzwakken, vaak functionele beperkingen kennen en ook psychisch belast kunnen zijn door een posttraumatisch stresssyndroom. Die patiënten komen nu steeds meer bij de revalidatiecentra, waar ze nog een lange weg te gaan hebben .We zullen er rekening mee moeten houden dat het voorlopig sluimerend onder ons blijft en zo nu en dan weer de kop opsteekt. Daar zal Isala op moeten anticiperen door, indien nodig, snel weer te kunnen opschalen in COVID-zorg.’’

Reacties

X

Meld je nu aan voor onze nieuwsbrief
Aanmelden